Raku oorsprong

De betekenis van het woord raku is geluk, genot, vreugde, plezier en wellicht nog meer synoniemen hiervoor. Het is een stooktechniek die zijn oorsprong vindt in Korea. Tijdens de Joseon Dynastie (1392 -1910) hebben de Koreanen de techniek aan de Japanse veroveraars prijs moeten geven en de Japanners hebben deze techniek uiteindelijk verder doorontwikkeld zoals wij deze nu kennen. Zij gebruik(t)en deze techniek van stoken voornamelijk voor serviesgoed voor de theeceremonie. Heden ten dage wordt de techniek voor allerlei voorwerpen gebruikt en ook nog steeds verfijnd. Een van de grote hedendaagse kunstenaars op dit gebied is de Engelse kunstenaar David Roberts, bij wie ik de Masterclass Painting with smoke heb gevolgd in Toscane, Italië in 2014.

Raku techniek

De basistechniek wordt gekenmerkt door het relatief snel verhitten van biscuit-gebakken en geglazuurde objecten in een gas- of houtoven tot een temperatuur van rond de 1000° C. Bij deze temperatuur wordt het object uit de oven gehaald en door het grote temperatuurverschil met de buitenlucht (themo-shock) zal het glazuur zo snel afkoelen dat het breekt. Zo ontstaat het zogeheten craquelé. Het object wordt vervolgens in een vat met brandbaar materiaal (vaak houtsnippers) gezet. Het materiaal zal onmiddellijk vlam vatten door de hitte van het object. Het vat wordt nu gesloten, zodat het vuur uitgaat en rook zich gaat vormen. De rook zal de ongeglazuurde delen van het object zwart kleuren en ook trekt de rook in de craquelé. Wanneer het object uit het rookvat wordt gehaald moet het grondig schoon worden geboend.

Naked Raku

Bij de naked raku techniek wordt er eerst een slecht hechtende tussenlaag op een biscuitgebakken object aangebracht en daaroverheen het glazuur. Wanneer het object uit het rookvat komt, zal de gehele glazuurlaag loskomen en de ingerookte afdrukken van het gecraqueleerde glazuur staan als het ware ingetekend in de naakte klei. Vandaar de benaming naked raku.